5 gebeurtenissen en rampen met buskruit in Nederland

5 gebeurtenissen en rampen met buskruit in Nederland

Op nummer 5: De Buskruitlist van Amsterdam (1622)

De Buskruitlist van Amsterdam is misschien wel de bekendste verijdelde terroristische aanslag uit de Nederlandse geschiedenis.

In 1622, midden in de Tachtigjarige Oorlog, wilden Spaanse samenzweerders Amsterdam een verwoestende klap toebrengen. Hun plan was even simpel als angstaanjagend: op achttien strategische plekken in de stad zouden kisten vol buskruit worden geplaatst. Onder meer het stadhuis, het Oost-Indisch Huis en andere belangrijke gebouwen stonden op de lijst. Wanneer alle ladingen tegelijk zouden ontploffen, zou Amsterdam volgens de samenzweerders "in de uiterste verwarring en ruïne" worden gestort.

Het complot mislukte echter doordat één van de buskruitkisten toevallig werd ontdekt in een woning achter de Amstelstraat. Tijdens het onderzoek bleek dat de Zuid-Nederlandse steenhouwer Balthasar Paul door de Spaanse legeraanvoerder Ambrogio Spinola was ingehuurd om de aanslag uit te voeren. De kisten waren gevuld met buskruit, zwavel, hars, ijzeren schroot en een ingenieus ontstekingsmechanisme met lantaarns.

Paul probeerde naar Leeuwarden te vluchten, maar werd gearresteerd. Na zijn bekentenis werd hij wegens hoogverraad ter dood veroordeeld. Hij werd op het schavot voor het stadhuis op de Dam gewurgd. Zijn lichaam werd geblakerd met buskruit en uiteindelijk ter afschrikking in Volewijck aan een staak gehangen.

Leuk weetje: volgens een oude Amsterdamse traditie ontstond het jaarlijkse Beurstrommelen doordat een jongen een schuit met buskruit onder de beurs zou hebben ontdekt en daarmee de stad redde. Of dit nu een volksverhaal is of écht is gebeurd is niet helemaal bekend, maar het is een mooie traditie geworden.

Op nummer 4: Haarlemmers blazen de Kruispoort op (1573)

Tijdens het Beleg van Haarlem (1572-1573) speelde buskruit een onverwachte rol in de verdediging van de stad. In Haarlem was weerstand tegen de Spaanse bezetter groot en zelfs vrouwen mengden zich in de strijd om de bezetter te verjagen.

De maat was helemaal vol toen de Haarlemmers lucht kregen van het plan van de Spanjaarden om Haarlem in te nemen door de Kruispoort te veroveren. De Kruispoort was een van de toegangspoorten van de stad. De inwoners van Haarlem lieten dit echter niet zomaar gebeuren. In het grootste geheim vulden de Haarlemmers de toren van de Kruispoort met buskruit en bliezen de poort vervolgens op in januari 1573.

Door deze strategie wisten de Haarlemmers de bezetting van de stad met een paar maanden te vertragen, maar omdat de Spanjaarden de toevoer van voedsel hadden stilgelegd, moesten ze zich wel overgeven. Vandaag de dag zie je in de Kruisstraat nog altijd het symbolische patroon van de krater die de ontploffing heeft veroorzaakt. In werkelijkheid was de schade natuurlijk vele malen groter en liep er een krater van de Nassaustraat tot halverwege de Ridderstraat.

Op nummer 3: Bloederige Donderdag in Amersfoort (1787)

Tijdens de Patriottentijd verbleef stadhouder Willem V met zijn leger in Amersfoort, nadat hij Den Haag had verlaten. De middeleeuwse Onze-Lieve-Vrouwekerk was in die periode niet langer een gebedshuis, maar werd gebruikt als militaire opslagplaats voor buskruit en munitie. Er werden zelfs granaten gevuld in het kerkgebouw. Door een onvoorzichtige handeling van een soldaat of medewerker ontstond op donderdag 2 augustus 1787 een enorme explosie. Volgens de historische bronnen volgden meerdere ontploffingen elkaar snel op. De gevolgen waren verschrikkelijk. Zo kwamen er 17 mensen bij de explosie om het leven: ooggetuigen meldden een regen aan bloed en ledematen. Deze gebeurtenis is daarom de geschiedenisboeken ingegaan als Bloederige Donderdag.

De Onze-Lieve-Vrouwekerk was volledig verwoest terwijl de Onze-Lieve-Vrouwetoren wonder boven wonder overeind bleef staan. De kerk is nooit herbouwd, maar op het plein zie je in het straatwerk nog altijd de contouren van de kerk die er ooit gestaan heeft.

Op nummer 2: De Leidse buskruitramp (1807)

Op 12 januari 1807 lag een schip met ruim 17.000 kilo buskruit aangemeerd aan het Steenschuur in Leiden. Het schip was onderweg van Haarlem naar Delft en kreeg toestemming om dwars door de stad te varen.

Rond kwart over vier ging het volledig mis. De precieze oorzaak is nooit vastgesteld maar ooggetuigen wisten te vertellen dat ze voedselgeuren roken toen ze langs het schip liepen. De ruimte waar het buskruit lag opgeslagen was vermoedelijk open geweest en de keuken zat daar pal naast. Hoe dan ook: het schip ontplofte midden in de dichtbebouwde binnenstad. Een enorme vuurbal en een allesverwoestende drukgolf trokken door Leiden. De knal was kilometers ver te horen en werd zelfs buiten de stad waargenomen.

Honderden huizen werden volledig verwoest, meer dan 150 mensen kwamen om het leven en ruim 2.000 inwoners raakten gewond of dakloos. Op de plek waar ooit complete huizenblokken stonden, ligt tegenwoordig het Van der Werfpark. De ramp maakte diepe indruk op koning Lodewijk Napoleon (jawel, de broer van!), die persoonlijk hulp kwam bieden aan de slachtoffers.

Op nummer 1: De Delftse Donderslag (1654)

Op maandagochtend 12 oktober 1654 veranderde Delft in enkele seconden in een rampgebied.

Onder de huidige Paardenmarkt lag een enorm geheim buskruitmagazijn opgeslagen, ook wel het Secreet van Holland genoemd. Hier lag meer dan 40.000 kilo aan buskruit opgeslagen. Bewoners van de huizen er pal boven wisten niet eens van het bestaan van het magazijn af. Toen magazijnbeheerder Cornelis Soetens een altijd onbekend gebleven gast uit Den Haag een rondleiding gaf, ging het volledig mis. Men vermoed dat de gast zijn pijp aanstak, maar de precieze oorzaak is nooit gevonden, maar in die vroege morgen in 1654 veranderde Delft in de hel op aarde.

De gevolgen waren catastrofaal. Honderden huizen verdwenen volledig, duizenden gebouwen raakten beschadigd en waarschijnlijk kwamen honderden mensen om het leven. Onder de slachtoffers bevond zich ook de beroemde schilder Carel Fabritius, een leerling van Rembrandt. Hij schilderde onder andere “het Puttertje” dat nog altijd te zien is in het Mauritshuis.

De explosie zou volgens ooggetuigen zelfs op Texel zijn gehoord. Nog altijd behoort de Delftse Donderslag tot de grootste niet-natuurlijke rampen uit de Nederlandse geschiedenis. Van de gast en de magazijnbeheerder is nooit meer iets teruggevonden.

Zelf deze plekken ontdekken?

Dat kan! De meeste plekken die hierboven zijn genoemd komen  terug in onze duistere stadswandelingen. Ga snel naar de webshop en bestel de duistere stadswandeling van jouw favoriete stad vandaag nog.

Terug naar blog